TwenteUITdeKunst een multimediaal platform op het gebied van uitgaan, kunst en cultuur en alle evenementen

TwenteUITdeKunst een multimediaal platform op het gebied van uitgaan, kunst en cultuur en alle evenementen | Een erfenisjager in Okkenbroek

Een erfenisjager in Okkenbroek  

door Theo Hakkert
foto's: Lenneke Lingmont
foto auteur: Frouwkje Bijlstra

Voorbeelden te over - en bepaald niet de minste. ‘Ik ben makelaar in koffie, en woon op de Lauriergracht, nr. 37’.
Multatuli.

Recenter Gerard Reve, toen nog Simon: ‘Het was nog donker, toen in de vroege morgen van de tweeëntwintigste december 1946 in onze stad, op de eerste verdieping van het huis Schilderskade 66, de held van deze geschiedenis, Frits van Egters, ontwaakte’.

Beginzinnen die legendarisch zijn geworden. Zinnen ook waarin de schrijver het precieze adres geeft, straatnaam, huisnummer.
Bernlef doet dat, niet in de beginzin van zijn nieuwe roman De een zijn dood; wel verderop. Er staat:
‘Oerdijk 102 in Okkenbroek. Op de kaart zocht ik op hoe ik in dat gehucht kon komen. Bij Bathmen via de Oostermaatsdijk. Zo kwam je tenslotte op de Oerdijk uit, die langs weilanden en stukken schaars begroeide grond met hier en daar een verpieterd berkenbosje naar Okkenbroek leidde.’

Okkenbroek. Voor velen niks, voor enkelen een naam op een bord van de ANWB, voor mij een verre herinnering aan een jongen die enkele weken bij mij in het ziekenhuis had gelegen. Ook bijna niks.
Zou het zijn zoals Bernlef beschrijft? Hij vervolgt:
‘Een dorpsstraat met aan weerszijden naoorlogse huizen en midden in het dorpje een modern gebouw, Ons Centrum, waarin de bibliotheek en het gezondheidscentrum waren gevestigd. Nummer 102 lag even buiten het dorp.’ Ik moest er maar eens gaan kijken.

In De een zijn dood slaat Bernlef in het eerste van vier delen een Henning Mankellachtige toon aan - ergens tussen droog en melancholiek. Niet zo gek, want in dit deel komt een oud-rechercheur aan het woord, Wim Terlinde. Hij is van baan veranderd en noemt zich nu erfenisjager. Wanneer iemand een eenzame dood lijkt te zijn gestorven, zonder familie, speurt Terlinde naar verre familieleden in de hoop een deel van de - voor nabestaanden vaak onverwachte - erfenis op te strijken. Zo belandt hij in Okkenbroek.

Daar namelijk woont Sofie de Winter. Zij heeft een boek geschreven. Geen uitgever was in het relaas over haar persoonlijk leven geïnteresseerd. Ze heeft het laten drukken bij ene Roderick Vos in Deventer. En die nu is dood aangetroffen op de bovenverdieping van zijn pand - ook hier weer die precisie: Begijnenstraat 62.

Terlinde besluit haar op te zoeken. Wellicht kan ze hem verder helpen. Sofie de Winter woont volgens de roman aan Oerdijk 102. Eens kijken. Ik volg de route die Bernlef Terlinde laat rijden. Over de Oostermaatsdijk, dus voor wie ter plekke bekend is bij De Oude Molen, tussen Holten en Deventer, rechtsaf. Die leidt inderdaad naar de Oerdijk. Hoe dichter bij het dorp, hoe smaller de weg. Als betrof het een veengebied, de Oerdijk is één lange, rechte weg dwars door Okkenbroek.

Alleen,waar is nummer 102 en waarom is dat nummer zo hoog? Nog gekker: in het dorp zijn de nummers veel hoger. Rond 200 zelfs.
De kerk is prachtig gerestaureerd. In een bijgebouw oefent een drummer. Een kat steekt over, dat kan hier zonder opzij te kijken. Zodra de auto stopt, verschijnt een grijsbehaard vrouwenhoofd boven de vitrage van een boerderij.
Ik rijd door en stap uit bij het naambord. Een man denkt dat ik iets vragen wil, maar dat Oerdijk 102 hier niet is, dat kan ik zo wel zien. Ik rijd terug.

Sofie de Winter moet aanvankelijk niets van Terlinde hebben. Ze heeft slechte herinneringen aan Roderick Vos. Waarschijnlijk heeft hij haar misbruikt, haar confronterend met de inhoud van haar opgeschreven memoires.
Terlinde speurt andere aanwijzingen na. Hij komt op het spoor van een echt familielid van Vos, een achternicht: Francien.
Wanneer hij haar vindt, in Schotland - bij haar Zweedse vriend was ze zojuist vertrokken - blijkt ze opgenomen in een inrichting. Waarop de verleiding Terlinde te groot wordt. De erfenis is ruim vier ton. Hij denkt een manier te hebben gevonden om de helft daarvan op te strijken zonder dat iemand het doorheeft. Sofie de Winter moet hem helpen. Hij keert terug naar Okkenbroek.

De Oerdijk is een apart geval. De weg ontspruit, als een rivier, bij Deventer en meandert zo door Schalkhaar, Lettele en Okkenbroek. De nummering gaat gewoon door - of in dit geval terug. Door Lettele, de dijk kruist de zijtak van het Overijssels kanaal. Eindelijk, negen kilometer van Okkenbroek, in de kom van Schalkhaar is Oerdijk 102.

Bernlef speelt in De een zijn dood een knap spel met identiteit en het dubbelgangersmotief.
Terlinde heeft bedacht dat hij Sofie de Winter de identiteit van Francien Vos laat overnemen. Die zit toch in een inrichting. Hij ritselt een vals paspoort. Sofie ziet er een mooie manier in om wraak te nemen op Roderick Vos, die haar inderdaad heeft misbruikt.

Maar ze hebben onderschat wat het aannemen van een andere identiteit met je doet. Sofie de Winter besluit Francien na te reizen, en in Schotland blijkt laatstgenoemde weer vrij te zijn. Ze is onder hoede genomen door een kunstenaar. De vrouwen sluiten een bond, die voor beide een fatale afloop kent - om niet alles te verraden. Hun identiteiten zijn over elkaar geschoven. In haar boek heeft Sofie de Winter uit zelfbescherming de naam Katrien aangenomen. Francien ziet in de figuur Katrien een uitweg uit zichzelf. Waarmee Sofie en Francien in Katrien samenvallen. Eén zijn ze geworden.
Het is om deze reden dat de titel van de roman zo’n vondst is. De een zijn dood, het lijkt aanvankelijk een cliché, omdat Terlinde zo zijn brood inderdaad verdient. Aan het eind zijn Sofie en Francien dood. Ze waren één. Ergo: De een zijn dood.

Het huis in Schalkhaar lijkt in niets op het huis van Sofie de Winter in de roman, dat Bernlef nog wel zo nauwkeurig beschrijft. ‘Een bakstenen huis met een donkergroene houten bovenbouw.’ Nou, mooi niet. Het is wit en breed - en sowieso staat het al niet in Okkenbroek. Dus terug langs de Oerdijk. Maar nergens een huis dat daar op lijkt. Geen betegeld tuinpad. Geen wit beschilderde voordeur met trekbel. Sofie overleeft het boek niet, maar ik had graag aangebeld.

 
Een erfenisjager in Okkenbroek van  Theo Hakkert
Gepubliceerd: 10-01-2011 , Laatst bijgewerkt: 10-01-2011

Extra info

Bernlef: De een zijn dood. Querido. 17,95 euro (pb), 22,95 (geb.), 14,50 (e-book)