Almudena Grandes schrijft met Het IJzig Hart de grote roman over de verwerking van de Spaansse burgeroorlog. Binnenkort in de Twentsche Courant Tubantia een interview met de schrijfster. Hier een voorproefje - in de vorm van een deel dat niet in de krant komt.
foto: Marco Okhuizen
Onwillekeurig is Almudena Grandes door haar roman een woordvoerster van haar generatie geworden. Voelt ze zoiets als een plicht om over de Spaanse burgeroorlog te schrijven?
“Je weet best dat schrijvers niet houden van het woord plicht. Iedereen is vrij te schrijven wat hij wil. Maar wij zijn wel de eerste generatie die er in vrijheid over kan schrijven. We zijn het aan onze grootouders verplicht. Ik ben blij dat ik dit boek heb kunnen schrijven. Ik heb de herinnering gerepareerd.”
“De burgeroorlog is bovendien een schat voor schrijvers. Er zitten zo veel verhalen. Je hoeft maar de nieuwsgierigheid te hebben tien centimeter verder te kijken dan de officiële versie en de verhalen stuiteren je tegemoet.”
Vandaar dat ze met gepaste trots over haar nieuwe boeken vertelt. In september verschijnt in Spanje het eerste boek in een reeks van zes onder de paraplutitel Episidios di una guerra interminabele, Episodes uit een oneindige oorlog. Daarmee schaart ze zich nadrukkelijk in de traditie van de grote negentiendeeeuwse schrijver Benito Pérez Galdós, die zijn tijd wist te vangen in de reeks Episidios Nacionales. De belangrijkste romans uit deze reeks zijn vertaald verschenen bij Menken Kasander & Wigman, waaronder Fortunata & Jacinta. “Jacinta, dat ben ik”, jubelt ze.
Zes boeken, elk een verhaal over burgeroorlog en dictatuur. Ze laat, zo zegt ze het, fictieve personages door de wereld van de feiten lopen. Met nadrukkelijk ook de echte personen daarbij. “Ik heb geschiedenis gestudeerd, maar ik kan meer met fictie. De feiten in relatie tot het leven van een mens. Dat is de kracht van romans.”