Let op: Deze website is gerestaureerd met behulp van gearchiveerde inhoud. De website eist geen rechten op deze inhoud.

Zonder komedie gaat het niet

Zonder komedie gaat het niet

Boeken Comments Off

Groningen autonoom! Anton Valens schrijft met Het boek Ont een echt komische roman.

door Arie Storm

Anton Valens is een humoristische schrijver. Er moet wel even een onderscheid worden aangebracht. Je hebt komische romans, en die zijn eigenlijk nooit leuk omdat ze de hele tijd zo nadrukkelijk leuk zijn, en romans die geestig zijn zonder dat je de hele tijd wordt toegeroepen dat je nœ moet lachen. De roman is bij uitstek een genre waarin het om geestigheid draait de Britse literatuurcriticus James Wood heeft eens opgemerkt dat je auteurs die helemaal nooit grappig zijn, ernstig moet wantrouwen.

Komedie is inherent aan het genre. Zonder komedie gaat het niet.

Dat heeft Valens heel goed begrepen. Zijn nieuwe roman, Het boek Ont, lijkt met een voortdurend ingehouden gegrinnik te zijn geschreven. In elk geval wordt de lezer getrakteerd op een fijnzinnige en lichte toon, iets bruisends, zonder dat het één grote dijenkletser wordt.

Het verhaal is tegelijkertijd gek en herkenbaar genoeg. Hoofdpersoon Isebrand Schut, een jonge man die na een mislukte studie enigszins is vastgelopen in het leven, heeft moeite met het openmaken van zijn post. Voor zijn doen nogal doortastend heeft hij daarom een soort zelfhulpgroepje opgericht: hij en enkele andere minder geslaagde figuren komen eens in de twee weken bij elkaar en dan maken ze elkaars post open. Onder het motto: ‘Samen administreren, ik maak jouw post open en jij de mijne. Samen bergen we het op. Gedeelde post is halve post.’

Isebrand gaat overigens gebukt onder wel meer angsten. Zo heeft hij een probleem met groeten op straat. Wat dat betreft woont hij ook nog eens in een onhandige stad: ‘Een nadeel van wonen in Groningen, vond hij, was dat je je kont niet kon keren of je zag iemand die je kende, hetzij persoonlijk, hetzij van gezicht.’ Groeten lijkt soms onvermijdelijk. Het gevolg is dat Isebrand zich op een gegeven moment nauwelijks meer op straat durft te begeven.

Dit sombere leven krijgt een enorme opkikker door Cornelis Meckering, een organisatieadviseur uit NieuwBuinen. Onder enigszins onduidelijke omstandigheden komt hij bij Isebrand en zijn zelfhulpgroepje terecht.

Meckering is het ideale romanpersonage: hij is origineel en volstrekt obsessief en vertoont godzijdank geen enkele ontwikkeling. Valens introduceert hem vol energie, in beweging, zoals het hoort. Meckering arriveert in een plensbui in een gele sportauto op het plein waaraan Isebrand woont: ‘De wagen kwam tot stilstand, de lichten doofden en er stapte een man uit die snel om zich heen keek, het portier dichtsloeg en, een attachékoffer boven zijn hoofd houdend, met houterige motoriek en schrikachtige sprongen de straat overrende.’ Zó doe je dat! Dát is een personage! Die man zie je voor je!

Met deze Meckering in het boek kan er voor schrijver en lezer nauwelijks meer iets misgaan. Hij sleept Isebrand mee in een speurtocht naar de oorsprong en precieze betekenis van het voorvoegsel ont, een voorvoegsel dat voorkomt ‘in tal van werkwoorden en zelfstandige naamwoorden, bijvoorbeeld ontnemen, ontraden, ontvangen’. Het moet een boek opleveren, een allesomvattend werk, ‘waar de ganse natie steil van achterover’ zal slaan. Ook geeft Meckering de nodige dynamiek aan de zelfhulpgroep. Tevens weet hij Isebrand uit zijn huis te krijgen, de straat op. En tot slot voorziet hij Isebrand van de juiste waarschuwingen, zoals deze: ‘Isebrand, luister naar wat ik je zeg, je familie, je directe kring, je dierbaren en je geliefden, dát zijn je grootste vijanden. Dát zijn je demonen.’

Valens speelt deze Meckering perfect uit, zoals hij meer dingen heel goed doet. Groningen komt voor je ogen tot leven. Hij maakt fraai gebruik van verschillende taalregisters: populair taalgebruik wisselt hij af met meer archaïsche zinsneden. Het maatschappelijke leven laat hij op een ironische manier in het boek toe. De opkomst van de euro wordt gekapitteld. Op het juiste moment introduceert hij een vrijheidsstrijder voor de provincie Groningen (die aan het eind van het boek gekleed gaat in een Tshirt met de opdruk ‘Groningen autonoom’). En bovenal weet hij het van begin tot eind komisch te houden, echt komisch.

Author

Back to Top