Hij heeft een lange adem: kunstenaar EvertThielen (Venlo 1954) werkt jaren aan zijn monumentale veelluiken, geïnspireerd door middeleeuwse kunstenaars als Jan van Eijk. Zijn portretten en veelluiken zijn sinds zaterdag te zien in Museum de Fundatie in Zwolle. "Er is niemand die hetzelfde doet als ik."
Hij heeft niets met de waan van de dag. Zijn noeste arbeid, van 's ochtends vroeg tot diep in de avond aan de hand van een jarenlange planning, laat het ook niet toe. De Nederlandse kunstenaar Evert Thielen (57) woont met zijn vrouw en vier dochters in een gerestaureerd historisch pand middenin de sfeervolle binnenstad van Brugge, vlakbij het Jan van Eijkplein. Buiten lopen toeristen met plattegrondjes en de zonovergoten terrassen zijn druk bezet. Binnen is het koel en stil. Al meet de thermometer dertig graden, al sinds zijn jeugd draagt Thielen een strakke onberispelijke haarscheiding en traditiegetrouw gaat hij gekleed in klassieke pakken met stropdas. De hectiek van de wereld lijkt aan hem voorbij te gaan, toch barsten zijn veelluiken met uitklapbare panelen van het leven.
"Ik verdrink er nooit in", zegt Thielen. "Het isolement is moeilijk. Je bent altijd alleen. Ik heb geen zielsverwanten; er is niemand die hetzelfde doet als ik. En fysiek is het zwaar."

Naast vele portretten maakte hij vijf weelderige meerluiken in zijn leven. "Misschien komt er nog een zesde, maar dan is het wel op." De schilderijen van Thielen zou je overdadig kunnen noemen omdat het wemelt van de mensen, de kleuren en details. De uitbundigheid van zijn werk is grotendeels geïnspireerd door componist Richard Wagner die hij sinds zijn dertiende mateloos bewondert.
"Heftige muziek, heel veel emoties. Wagner is een van de grootste kunstenaars die ooit heeft geleefd. Hij offerde alles in zijn leven op voor een kunstzinnig ideaal. Als ik het even niet meer zie zitten, lees ik over Wagner. Die heeft zoveel tegenslagen meegemaakt en toch bleef hij bij zijn standpunt", verklaart Thielen.
Als kind van zes stond hij met zijn ouders vol bewondering voor het vijftiende-eeuwse drieluik Het Lam Gods van Jan van Eijk, in de Gentse St. Bataafskerk. Op dit moment bevindt het heiligdom zich achter glas. En toeristen verdringen zich voor enkele euro's in de kleine ruimte om een glimp van het Bijbelse tafereel te zien. Thielen mocht als twintiger het middeleeuwse werk bestuderen en zelfs aanraken, in de oorspronkelijke kapel.
"Men gaf mij een keukentrapje. Zo kon ik de figuur van God recht in de ogen kijken", glimlacht hij. Thielen nam al vroeg deel aan een technisch onderzoek in Brussel naar Het Lam Gods en analyseerde dit meesterwerk ruim tien jaar. "Ik wilde weten hoe Van Eijk het geflikt had. Hij was de eerste die zo realistisch schilderde."
De kunstenaar is gefascineerd door haren, handen en de huid van vrouwen. Hun zachte borsten. De lichamen en blik altijd ontspannen. "Vrouwen zijn waarschijnlijk beter gelukt dan mannen. Ik praat veel met mijn modellen. We hebben een goede verstandhouding. Nee, verder niet, daar heb ik geen tijd voor", lacht Thielen.
Als tiener vertrok hij al na een jaar van de Haagse kunstacademie omdat Thielen zich ergerde aan het hippie-achtige kunstwereldje. Voor zijn ambachtelijke kunst en portretten was totaal geen aandacht. Men kon hem niets leren. In Nederland is hij al jaren succesvol in het bedrijfsleven. En de museale wereld zag ook hoe Thielen grote bezoekersaantallen trok. In Vlaanderen wordt hij echter nauwelijks opgemerkt. "Het is alsof we in België nog in de jaren zeventig verkeren. Ik ben een conservatief kunstenaar, daarom niet interessant. Hier houdt men van Fabre en Delvoye. In mijn ogen maken zij kleren van de keizer. Uiterlijk vertoon. Ik vind het prima en hoef mezelf niet te etaleren."

Rijk is Thielen nooit geworden van zijn megawerken. "Anderen wel. Liever verkocht ik ze niet." De overweldigende veelluiken lopen in de miljoenen. Drie zijn in handen van particulieren. Een vierde is eigendom van Douwe Egberts in Utrecht. De kunstenaar staat er nog altijd versteld van hoe de prijzen van zijn werk zich blijven verdubbelen. "Je komt niet iedere dag iemand tegen die een veelluik kan kopen. Toch heeft Het Verlangen al vier eigenaren gehad. Men ziet het als beleggingsobject. Ik vind dat spijtig maar ben ook blij dat mijn werk zo kapitaalkrachtig is."
WAAR TE ZIEN
Evert Thielen, schilderijen.
Museum de Fundatie Zwolle,
dinsdag-zondag 10.00-17.00 uur
(t/m 18 september)