Schilderijen (acryl op linnen)
Het werk van de in Sint Anthonis woonachtige kunstenaar Jos van Beek heeft onmiskenbaar haar wortels in het expressionisme- de stroming die in het begin van de 20e eeuw de kunst definitief uit haar knellende keurslijf bevrijdde-.
Het ongeremde, louter door het gevoel aangestuurde kleurgebruik, en het daaraan ondergeschikt maken en soms bewust deformeren van de vorm heeft alles daarmee van doen.
Maar er is meer, was het expressionisme vooral geboren uit onvrede met en angst voor de maatschappelijke ontwikkelingen van dat moment, het pessimistische levensgevoel valt, voor wie het werk van Jos van Beek al enige tijd volgt, daarmee niet te rijmen. Integendeel: het ademt een sfeer van vrolijkheid, van optimisme en warmte, kortom: het ademt vooral de sfeer van verwondering om en tevredenheid met het aardse bestaan.
In zijn thematiek zien we dat dan ook steeds weer terugkeren; het leven, en alles wat daarmee samenhangt, vormt qua inhoud zijn belangrijkste inspiratiebron.
En dan vooral het gewone leven zoals zich dat telkens weer aan iedereen voordoet; de gewone dagelijkse dingen zoals die in principe voor iedereen waarneembaar zijn.
Van Beek schuwt daarbij de uitersten niet.
Is er vaak sprake van contrasten in kleurgebruik, ongetwijfeld bedoeld om daarmee de zeggingskracht van de kleur optimaal te versterken, in het oeuvre van de kunstenaar vinden we zowel geheel abstract werk, alsook werk dat neigt naar figuratie.
Zelf zegt hij daarover dat hij zich regelmatig een bestraffende tik op de vingers geeft, als weer eens blijkt dat hij te ver naar een van beide uitersten in doorgeschoten, want wat hij werkelijk wil is het scheppen van een voorstelling die ruimte laat voor nadere invulling, die open blijft.
Daarbij speelt heel sterk het besef dat emoties zich dagelijks, van moment tot moment, op geheel verschillende niveaus kunnen afspelen.
Dat geldt zowel voor de kunstenaar zelf, alsook voor degene die oog in oog staat met zijn doeken: er moet ruimte blijven voor eigen interpretatie, afhankelijk van stemming, gevoel, ervaring, moment van de dag, enzovoorts.
Hij schuwt een schilderij dat "af' is.
In zijn optiek zou dat alleen maar snel gaan vervelen, en daarmee de kunst geen goede dienst bewijzen.
Terugkomend op het in het begin genoemde expressionisme: het werk van deze kunstenaar komt er uit voort, maar is er zeker niet in blijven steken.
Het is méér dan alleen een uiting van de diepste emotie, verbeeld met gebruikmaking van de daarbij behorende middelen.
Zo wordt bijvoorbeeld de compositie uiterst zorgvuldig gekozen.
En er wordt eindeloos geschaafd, veranderd en bijgesteld als het schilderij in wording daarom vraagt.
Zijn schilderijen mogen dan weliswaar de realiteit van het dagelijks leven als inspiratiebron hebben, ze zijn absoluut méér dan een registratie van die werkelijkheid.
Een schilderij is immers een nieuwe, niet eerder vertoonde werkelijkheid, met haar eigen wetten, eigen mogelijkheden en soms ook ergernissen.
Zo bekeken is de schilderkunst, in tegenstelling tot wat wel eens wordt beweerd, nog lang niet dood. Immers: zolang kunstenaars zich geheel en al, met de grootst mogelijke passie aan die "opdracht"overgeven, zal de schilderkunst blijven bestaan.
De schilderijen van Jos van Beek zijn daar het levende bewijs van.