Hoe maak je uitzichtloze armoede voelbaar zonder in clichés te vervallen? De indringende docufictie Puisque nous sommes nés (Omdat we nu eenmaal geboren zijn) portretteert twee straatarme, maar vitale Braziliaanse jongens.
Weer een film over Braziliaanse straatkinderen? Het geweld in de favela's? De verwoestende invloed van drugs? De Franse filmmakers Jean-Pierre Duret en Andrea Santana mijden deze sensationele onderwerpen. Maar hun debuutfilm Puisque nous sommes nés schokt ons misschien des te heviger, omdat hij de alledaagse uitzichtloosheid van armoede toont.
De film, waarin de personages zichzelf spelen, portretteert in een heet en gortdroog dorp de 14-jarige Cocada en de 13-jarige Nego. In deze barre Braziliaanse uithoek is de strijd om het bestaan even meedogenloos als de verzengende zon. Stromend water is er niet, de bewoners zijn met jerrycans en emmers aangewezen op een tankwagen. Cocada en Nego willen vooruit in het leven, maar zitten opgesloten in een kansloze omgeving, waarin de dood nooit ver weg is: een dood schaap langs de kant van de weg, een stervende koe in een veldje. Bijna apocalyptisch zijn de beelden van wroetende varkens op een grote, walmende vuilnisbelt.
Dat de makers, die zes maanden in het dorp woonden, zich niet alleen op de jongens concentreren, maar ook op hun omgeving, bezorgt de film een meerwaarde. Nego wordt opgevoed door een alleenstaande moeder, die nog negen kinderen, van bijna allemaal verschillende, uit het zicht verdwenen mannen, te voeden heeft.
Ook Cocada moet het zonder vader stellen, want die is een paar geleden doodgeschoten. Puisque nous sommes nés gaat over afwezige vaders - groot probleem in Brazilië - wat wordt benadrukt door de vriendschap van Cocada met een trucker, die zich als een pseudovader over de jongen ontfermt.
De scènes tussen hen zijn ontroerend en laten zien dat mededogen niet afhankelijk is van rijkdom. Het zijn lichtpuntjes in een authentieke film over een uitzichtloos bestaan, waarin gesprekken tussen pubers niet gaan over het nieuwste mobieltje, maar over hoe je hongergevoel het beste bestrijdt.
JOS VAN DER BURG