De Duitse regisseur Roland Emmerich heeft al heel wat schade aangericht in zijn carrière. Na Independance Day, Godzilla en The day after tomorrow gaat hij nu weer een stapje verder. In 2012 staat de ondergang van de aarde op de agenda.
Door Mark Moorman
Als regisseur van apocalyptische rampenfilms heeft Roland Emmerich een naam hoog te houden. In Independance day (1996) werd een buitenaardse invasie maar net afgewend, niet na de destructie van een paar van 's werelds bekendste gebouwen, waar aliens het altijd op voorzien lijken te hebben. In Godzilla (1998) bezocht een buitenmodel-zeemonster het populaire eiland Manhattan. En in The day after tomorrow (2004) waren we weer op Manhattan, dat te kampen had met acuut slecht weer, vloedgolven en de nieuwe ijstijd. In het kielzog van zijn cinematografische rampen produceert Emmerich scenario’s als rokende puinhopen en gerenommeerde acteurs die catastrofale prestaties leveren.
In 2012 (de film, niet het jaar) heeft Emmerich de lat, qua ramp, hoog gelegd; hoger kan eigenlijk niet: de ondergang van de planeet staat op de agenda. De film haakt handig in op de populaire apocalyptische mythe uit de Mayacultuur, die aansluit bij het zogenaamde aflopen van de kalender van de Maya’s (foto rechts) op 21 december 2012. Paniekvogels aller landen hebben inmiddels waxinelichtjes en blikken bonen gehamsterd. Ook Nederland ontkomt niet aan de hype, zoals we vorige week al beschreven in een reportage (pdf) in onze dagkrant.
Ontploffing
Het eerste uur, van de 165 minuten die 2012 duurt, is uitstekend vermaak. In hoog tempo zien we hoe een wetenschapper in India (nieuwe wereldorde!) ontdekt hoe zonnedeeltjes na een ontploffing op de zon het heelal worden ingeslingerd en de kern van de aarde verhitten. Gevolg: de continentale platen raken op drift en de special effects afdeling draait overuren. Emmerich introduceert - hij kent zijn klassieke rampenfilms - een aantal personages die we tot het einde van de rit gaan volgen.
Voornaamste personage is een gescheiden schrijver (John Cusack), die zijn kinderen op vakantie neemt naar Yellowstone park. Als de aarde begint te trillen, als voorbode van Armageddon, is duidelijk dat het einde der tijden nabij is en dat hij dus kan gaan bewijzen dat hij best geschikt is als vader - en echtgenoot. En als u dit gegeven bekend voorkomt (denk aan Tom Cruise in War of the worlds), dan kan dat kloppen, Emmerich citeert altijd graag uit het Hollywoodcanon. En het is duidelijk dat hij zijn rampenfilm (van Poseidon tot Titanic) kent. De vlucht van de disfunctionele familie uit het in zee verdwijnende Los Angeles is het hoogtepunt van de film.
Alle remmen los
Roland Emmerich (foto rechts) en zijn special effectsmensen gooien alle remmen los met een ongekend spektakel. Je mag er van alles bij voelen, maar angstaanjagend wordt het nooit, vermoedelijk omdat Emmerich niet kiest voor een bepaalde toon of register: hij wisselt pure parodie af met tenenkrommend sentiment.
Grootste probleem van de film is dat de hoofdattractie, de ondergang van de Verenigde Staten (en Rio en Vaticaanstad), halverwege de film plaatsvindt. Tuurlijk, daarna overstroomt de Himalaya nog, ook niet misselijk, maar het is toch lastig om daar de aandacht nog bij te houden. De regeringen van de wereld hebben in China een aantal arken van Noach gebouwd en Emmerich is aanzienlijk tijd kwijt met het introduceren van dubbelgangers van staatshoofden. En dan komt er nog ergens een vrachtdeur vast te zitten, en dat werkt gewoon niet, rampenfilm-technisch gezien. We hebben zojuist Californië in de oceaan zien glijden! Kan ons die vrachtdeur schelen. Je moet altijd van klein naar groot werken. Emmerich pakt pathetisch uit met een slot, waar een deel van de mensheid, en een deel van de cast een nieuwe kans wordt gegund. Een nieuwe dageraad voor de nieuwe mens en dat liet ons met een licht-misselijk gevoel achter. En dat kwam niet van de popcorn: die was al uren op. Roland Emmerich lijkt het allemaal niet te deren. Hij is al druk bezig met een vervolg, op televisie.