Het is een dilemma voor buitenlanders in ieder oorlogsgebied: blijven of weggaan? In het indrukwekkende Des hommes et des dieux maakt een groep monniken in de jaren negentig in het verscheurde Algerije een fatale keuze.
Het op feiten gebaseerde Des hommes et des dieux portretteert in 1993 een groepje oudere Franse monniken in een dorpje in het Algerijnse Atlasgebergte. Ze bidden, zingen, verbouwen groente en verzamelen honing. De monniken, die al tientallen jaren in dit klooster leven, staan op goede voet met de dorpelingen, die dankbaar gebruik maken van de diensten van de kloosterarts. Aan de harmonieuze situatie komt een einde als de vuile oorlog tussen moslimfundamentalisten en de overheid doordringt tot het dorpje. Een man vertelt dat zijn dochter is doodgestoken in een bus omdat ze geen hoofddoek droeg. Twee leraressen worden vermoord, omdat ze in hun klas opmerkten dat verliefdheid een normaal menselijk gevoel is. Een paar Kroatische gastarbeiders wordt de keel doorgesneden als boodschap dat ongelovige buitenlanders in Algerije niet thuis horen.
De monniken beseffen dat ook zij gevaar lopen. Helemaal als fundamentalisten op Kerstavond het klooster binnenvallen, omdat ze medicijnen willen hebben. Bescherming door de overheid wijzen de monniken af, omdat ze niet geassocieerd willen worden met het corrupte regime. Door geen partij te kiezen, maken de monniken zich verdacht bij beide partijen.
(Jos van der Burg)