Het fenomenale succes van zijn Amerikaanse superheldenfilms Batman Begins en The Dark Knight verschafte de Britse filmmaker Christopher Nolan genoeg krediet om Inception te kunnen maken. Met een hoofdrol voor Leonardo DiCaprio wordt Inception als belangrijkste kaskraker van deze zomer in de markt gezet.
De ambitieuze en peperdure film koppelt het grootschalige actie en stuntwerk uit de Batman films aan een breindbrekend scenario, dat in complexiteit aan Nolan's doorbraakfilm Memento herinnert.
Dat maakt de film tot een opmerkelijke Hollywood productie, want Inception is niet gebaseerd op een bekende strip, tv-serie of oude film, al laat de filmhistorie er de nodige sporen in na. Dat en de aard van de hoofdrol verbinden de film met Shutter island, waarin DiCaprio eveneens een lastige opdracht moet uitvoeren terwijl hij in een nadrukkelijk Freudiaanse context met een schuldcomplex worstelt. Of dat laatste bij Nolan beter uit de verf komt dan bij Martin Scorsese is de vraag. Na de Batman-films weet de Brit dat hij een investering van 200 miljoen met een flinke dosis spektakel moet veiligstellen, en daarop is in ieder geval niet beknibbeld.

Inception draait om een team van specialisten die de dromen van hun slachtoffers manipuleren om geheimen aan het onderbewustzijn te ontfutselen. De door de dood van zijn vrouw getraumatiseerde aanvoerder DiCaprio krijgt de opdracht iets anders te proberen: een Japanse zakenman wil dat het team een idee in het brein van een concurrent plant. De procedure is dermate complex dat de meeste dialogen benut worden om uit te leggen wat er moet gebeuren.
Als het plotlabyrint geen barrière opwerpt, dan kan Nolan's kille en schematische benadering van dromen alsnog weerstand oproepen. Inception doet in niets aan andere films over dromen denken, omdat de term voor een concept wordt benut dat meer met videogames of andere virtuele werelden verwant is. De teamleden construeren niet van echt te onderscheiden schijnwerelden, waarin ze de dromer om de tuin kunnen leiden. Het geeft Nolan de vrijheid om onder meer naar de Bondfilm On Her Majesty's Secret Service te knipogen, met actiescènes waarin de helden hoofdzakelijk tegen anonieme figuranten strijden en de dood geen enkele consequentie heeft. Dromers die sterven worden in de echte wereld gewoon wakker.
Inception wil het slimmere broertje van het stilistisch superieure The Matrix zijn, maar stemt inhoudelijk onverschillig, zeker na een slotscène die al het voorgaande in twijfel trekt. Nolan's torenhoge ambitie en de complexe structuur dwingen bewondering af, en de in parallelle droomniveaus gesitueerde spektakelscènes zijn knap geconstrueerd. Maar het is lastig emotioneel betrokken te raken bij een film waarin het meest irrationele en creatieve uitvloeisel van de menselijke geest tot een eenduidige reeks wetten en formules wordt gereduceerd. Met DiCaprio's trauma probeert Nolan een gevoelige snaar te raken, zoals hij dat eerder in Memento met succes deed, maar hij gaat ook daarbij zo calculerend te werk dat het vermoeden rijst dat het medium hem meer interesseert dan de mens.
BART VAN DER PUT