Rond middernacht was kiezen geblazen. In het stampvolle De Tor naar zanger Humphrey Campbell, of op de Oude Markt waar Dede Priest de sterren van de hemel zong.
door Ton Ouwehand
Zaterdag stond het Grolsch International Jazz Festival Enschede vooral in het teken van de zang. 's Middags de Jazzerieje, maar ook het avondprogramma moest het grotendeels hebben van de zang. Allereerst de band van Macha Bijlsma, natuurlijk. Een eigenzinnige zangeres met een volstrekt eigen geluid. Tof bandje met Bart van Lier op trombone.
Het beste moment van saxofoniste Suzanne Alt was toen ze haar altsax even liet voor wat het was en aan communitysinging ging doen.
Maar vocaal gezien lag het zwaartepunt later op de avond. Op twee plekken begonnen een half uurtje voor middernacht unieke concerten. In een stampvol Jazzpodium De Tor zong Humphrey Campbell, begeleid door het huisorkest Peter Nieuwerf (gitaar) en Ruud Ouwehand (bas), ditmaal uitgebreid met Rob van Kreefeld op piano en John Engels op drums. Een fantastische zanger, schitterend bijgestaan.
En op diezelfde tijd zette zangeres Dede Priest de Oude Markt volkomen op z'n kop. Bijna twee uur blues van hoogwaardige kwaliteit waarin in ziel, zaligheid en strottenhoofd werden blootgelegd. Bijgestaan door een uitstekend gezelschap met gitatist Raymond Nijenhuis in topvorm en op drums een invaller: Fokke de Jong. Normaal bij Normaal, maar nu leek functioneel en opzwepend drumspel in de soul-gospel-bluessector de normaalste zaak van de wereld.
Een concert dat de erbarmelijke geluidstechniek waar het festival dit jaa
r mee kampt deed vergeten.