Met een optreden van de Engelse band Cármina gaat vrijdag (20.30 uur) het elfde seizoen van start voor de Folkclub Twente. Een klein podium in de wijk (Hogeland), dat financieel afhankelijk is van ongeveer zeventig donateurs en in de been wordt gehouden door vrijwilligers.
En om maar gelijk een misverstand uit de wereld te helpen: „Folk is geen dode muziek! Het is er altijd geweest en blijft zich ontwikkelen.”
De positie van de Folkclub Twente is een beetje vergelijkbaar met die van NiX-bluesclub. Waar de ‘grote’ podia in de binnenstad te vinden zijn, hebben zij hun bestaansrecht opgebouwd in de wijk. De folkliefhebbers zijn eens per maand op ’t Hogeland te vinden (De Roef), terwijl de blues geworteld is in Twekkelerveld. Zonder ook maar een cent subsidie hebben de vrijwilligers een goede naam weten op te bouwen en weten ze aanstormend talent of grote namen uit het genre naar Enschede te halen.
Gerard Grooters, Annelies de Jonge en Hans Hassink maken deel uit van dat kleine clubje, dat zich inzet voor de Folkclub Twente. Negen tot tien concerten per jaar worden er georganiseerd. Meestal in de grote zaal van De Roef aan de Pastoor Geertmanstraat 17. Een buurtcentrum als concertpodium, zo is hun ervaring, heeft zijn vooren nadelen. De akoestiek is er in elk geval goed. „Daar is iedereen het over eens.” Qua bereikbaarheid valt er ook weinig te klagen.
Het concewrt van Cármina in de Folkclub Twente is het enige in Nederland. De band combineert Keltische muziek met jazz en soul.
Meer info: www.folkclub.nl.