Gitaarlegende John McLaughlin gaf zondagavond in de Bürgerhalle in Gronau op het 22ste Jazzfest een meesterlijk concert. Hij sprak het publiek zelfs in keurig Duits toe.
door Ton Ouwehand
Voordat hij John McLaughlin aankondigde, refereerde organisator Otto Lohle zondagavond voor de volle Bürgerhalle nog even aan 's mans vorige optreden op Jazzfest Gronau. Of eigenlijk aan het feit dat McLaughlin toen hij uiteindelijk besloot zich aan zijn contract te houden en wel een concert te geven, plechtig beloofde daarna nooit meer een voet in Gronau te zetten. Laat staan op het daar gehouden Jazzfest.
En zie daar. Nog geen twintig jaar later is hij het vergeten. Hij wist nog wel dat hij in een fabriekshal in Gronau had gespeeld. Maar hoe dat was, hoe hoog het vochtigheidsgehalte in de zaal destijds was, hoe alarmerend veel er gerookt werd, hoe laag het plafond was, McLaughlin wist het allemaal niet meer. Hij had duidelijk zin om met een ongelooflijke energie dit publiek aan zich te binden. De in Monaco woonachtige Brit sprak het publiek daartoe zelfs in het Duits toe. 
Negentien jaar geleden speelde McLaughlin hemelse muziek met een wereldtrio. Hij op akoestische gitaar, de Indiase percussionist Triluk Gurtu en de Duitse bassist Kai Eckhart.
En nu op de 22ste editie van het festival stond McLaughlin met beide benen stevig op de grond. Een fantastisch kwartet genaamd 4th Dimension, met de Afrikaanse basgitarist Etienne Mbappé, drummer Mark Mondisir en Gary Husband op keyboards. Maar voor laatstgenoemde stond ook een drumset klaar, Om van tijd tot tijd uit te barsten in fenomenale drumbattles met Mondisir.
En de meester zelf hield de regie strak in handen vanachter zijn gitaar. John McLaughlin behoort tot dat handjevol gitaarmeesters die zich door zijn melodische aanpak onderscheidt. Niet zozeer aan zijn toonvorming als wel aan de melodielijnen is zijn spel onmiddellijk te herkennen. Wat voor gitaar hij ook in zijn handen heeft. Of hij nu op akoestische gitaar speelt of zoals in de Mahavishnu-tijd op de gitaar met de dubbele hals, of zoals destijds met organist Joey DeFrancesco op een dikke Gibson jazzgitaar.
Zondag op zijn Godin-gitaar was de manier van spelen ook niet anders. Zij het deze gitaar was voorzien van een tremolo. Zo'n pientere pook waarmee The Shadows nogal scoorden. Alle snaren kun je daarmee tegelijkertijd meer dan een toon omhoog of omlaag mee drukken. McLaughlin kon niet van het ding afblijven. Aan het eind van elk melodisch zinnetje werd even aan het pookje getrokken, waardoor de toon afboog. Gek, dat zo'n legendarisch man, zo iemand die de jazzgitaarwereld van zoveel nieuwe impulse voorzag, zo blij kan zijn met zo'n ouderwets dom speeltje. Het had ook wel wel iets aandoenlijks.