De Franse filmmaker Manuel Pradal houdt niet van realisme. In La blonde aux seins nus sleurt hij de kijker mee in een ongeloofwaardig, maar explosief (melo)drama over drie jongeren op een binnenvaartschip.
De titel doet een oubollige Franse komedie vermoeden, maar La blonde aux seins nus (De blonde vrouw met de blote borsten) is alles behalve komisch en oubollig. De titel verwijst naar het gelijknamige schilderij van Manet. Het doek speelt een grote rol in het verhaal over twee broers, de 25-jarige Julien (Nicolas Duvauchelle) en de 12-jarige Louis (Steve Le Roi) die er alleen voor staan in het leven.
Hun moeder is al jaren dood en hun vader, een binnenvaartschipper die er bij zijn kinderen op los sloeg, ligt doodziek in het ziekenhuis. Van hen mag hij zo snel mogelijk overlijden (''De klootzak had al lang dood moeten zijn''). Als het zover is, blijven zijn zoons met het schip grind en zand vervoeren, maar houden zich ook bezig met criminele klusjes. Als ze op verzoek van een louche kunsthandelaar Manets bloteborstenvrouw in Parijs uit het Musée D'Orsay stelen, gaat het mis.
Een suppoost - een schoonheid die Rosalie heet - achtervolgt Louis tot op het in de Seine gelegen schip, waar Julien haar overmeestert en gevangen zet. Surprise: Rosalie vindt het niet erg om gekidnapt te worden, want de twintiger verlangt naar een avontuurlijk leven. Er ontstaat een broeierige, erotische sfeer, waarin de slimme Rosalie een eigen agenda heeft en de broers behendig tegen elkaar uitspeelt. Maar politie en criminelen zitten de drie snel op de hielen.
Manuel Pradal overdonderde dertien jaar geleden de filmwereld met zijn debuutfilm La baie des anges. Uit het gestileerde, broeierige tienerdrama aan de zonovergoten Franse Zuidkust sprak een groot cinefiel en filmhistorisch bewustzijn. De film voerde geen realistische, maar archetypische personages op als dé femme fatale en dé matroos.
Op het bijna mythische drama volgden twee mislukte pogingen met internationale films (beide met Harvey Keitel) door te breken naar een groot publiek. Met La blonde aux seins nus keert Pradal terug naar zijn debuutfilm.
Illustratief is dat Vahina Giocante, de femme fatale in La baie des anges, nu terugkeert als Rosalie. Ook appelleert La blonde aux seins nus aan de filmgeschiedenis (met name Jean Vigo's L'atalante) en aan een mythologisch verleden: wie een boot Styx noemt, is niet uit op een pleziertochtje.
In La blonde aux seins nus bevaart het drietal de dodenrivier, waarbij lang onduidelijk blijft op welke ?oever de tocht zal eindigen. Het levert - met als achtergrond fraaie beelden van de Seine, die de drie met de boot afzakken - een sterk zintuiglijke film op over oerdriften en overlevingsdrang. Pradal is goed in het creëren van een onderhuidse explosieve sfeer, maar zijn film ontbeert een geloofwaardige plot. Ook mythische films kunnen niet zonder logica.
JOS VAN DER BURG