De twintiger maakte in de jaren negentig enkele overlevingstochten dwars door Amerika. Hij werd een nationale beroemdheid toen outdoor-journalist Jon Krakauer een boek over hem schreef. McCandless methodes waren bepaald niet onomstreden. Naarmate de jongen langer ‘on the road' verkeerde, nam hij steeds grotere risico's. Zo liet hij ooit zijn auto achter aan de rand van een woestijn, en verbrandde hij al zijn geld. Ook weigerde hij vaak contact op te nemen met zijn doodongeruste ouders. Het bracht Christopher in de problemen toen hij slecht voorbereid de wildernis van Alaska introk.
Regisseur Sean Penn geeft McCandless duidelijk het voordeel van de twijfel. Zijn Into the Wild is een ode aan die prachtige onbezonnenheid die een mens alleen in zijn jeugd kent. De regisseur was zelf ook ooit een ‘wild child', en hij ziet in Chris een verwante ziel. Zijn McCandless, vertolkt door Emile Hirsch, worstelt met een dominante vader die hier nadrukkelijk als boosdoener naar voren wordt geschoven. Hij vindt op zijn reizen verschillende vaderfiguren, sluit vriendschap met hippies, beleeft een avontuurlijke kanotrip.
Het is allemaal heel opwindend, en Penn schiet prachtige beelden van het weidse land. Toch komt de emotie van de film niet van Hirsch, maar van acteur Hal Holbrook. Die speelt een oude reisgenoot die de jongen vraagt of hij hem mag adopteren. De eenzaamheid op diens gegroefde gezicht spreekt boekdelen, en de scène is hartverscheurend. Is dit Penns manier om te tonen dat McCandless' onbezonnenheid een schaduwkant heeft?