TwenteUITdeKunst een multimediaal platform op het gebied van uitgaan, kunst en cultuur en alle evenementen

TwenteUITdeKunst een multimediaal platform op het gebied van uitgaan, kunst en cultuur en alle evenementen | Ruisdael was here

Ruisdael was here  

door Herman Haverkate

Vanuit de verte is het nog altijd een imponerend beeld: de heuvel in het verder vlakke land, met daarboven - ongenaakbaar - het kasteel met z’n drie torens, als bekroning van het dorp. „Ik ben er vaak geweest, maar het verveelt nooit”, zegt Quentin Buvelot, hoofdconservator van het Mauritshuis in Den Haag (foto). „Dit is een kasteel zoals ik me dat als jongen altijd heb voorgesteld, en nog spectaculair gelegen ook. Als je aan de voet van die heuvel staat, begrijp je iets van de fascinatie die Ruisdael voor deze plek moet hebben gehad.”
Het is een sombere dag in februari. Geen dramatische Ruisdael-wolken maar een dicht, grijs wolkendek hangt boven Bentheim. In het straatje aan de voet van de burcht is het aantal monumenten groter dan het aantal bezoekers. Een zuil met de Duitse adelaar herinnert aan de doden van de Frans-Duitse oorlog, een enorme leeuw aan die van ’14-’18 en een bronzen figuur, trekkend aan z’n bretels, aan de arbeiders die hier ooit het zandsteen van Bentheimer goud uit de groeven hakten.
Natuurlijk, zegt de bazin van café Im Schloss, kent ze de schilder Jacob van Ruisdael. „Niet persoonlijk helaas, maar ik weet dat hij hier geweest is.” Er kwamen hier trouwens toch regelmatig beroemde Nederlanders. Koningin Emma bijvoorbeeld, als bezoekster van haar zus, de toenmalige bewoonster van het kasteel. „We hebben veel aan de burcht te danken. Een paar jaar geleden zag ik een schilderij van Ruisdael in de krant. Daar had een museum bij jullie miljoenen voor betaald. En dat allemaal dankzij ons kasteel.”


Een dag later, binnen de statige muren van het Mauritshuis in Den Haag, wijst ook Quentin Buvelot op de betekenis van de burcht. „Het is de eerste grote heuvel die je tegenkomt als je naar het oosten reist, en dan ook nog met een kasteel erop. Voor Ruisdael was het zien van die burcht een beslissende ervaring. Zijn werk is er wezenlijk door veranderd. Twintig jaar later nog zou hij dat kasteel gebruiken. Daarom wilden wij als museum ook zo graag een van die Bentheim-schilderijen hebben. Ze markeren de meest cruciale periode in zijn leven, en misschien wel in de hele landschapsschilderkunst van de 17e eeuw.”


In totaal twaalf keer koos de in Haarlem geboren Jacob van Ruisdael het kasteel van Bentheim als hoofdmotief van zijn schilderijen. Daarnaast duiken delen ervan nog zeker vier keer op als kleiner element tussen stemmige schilderijen met heuvels en vakwerkhuisjes, typerend voor het grensgebied van de toenmalige Republiek. Op een groot panorama van Ootmarsum onder een zomerse wolkenhemel, te zien in de Alte Pinakothek in München, is het kasteel zelfs gereduceerd tot een minuscule vlek aan de horizon. „Je moet goed kijken om het te zien, maar het is er. Het ligt op een plek die van geen kanten klopt. Maar hij had er kennelijk behoefte aan om het toe te voegen.”
Op de tentoonstelling hangen de (volgens Buvelot) zes mooiste en belangrijkste Bentheim-schilderijen van Ruisdael bij elkaar. Daaronder ook het fameuze ‘Landschap met kasteel Bentheim’ dat het museum in 2005 onder veel media-aandacht kocht en dat ook de feitelijke aanleiding was voor ‘Groeten uit Bentheim’, zoals de huidige tentoonstelling heet. „Eigenlijk was dit schilderij nog helemaal niet zo lang bekend. De ontdekking ervan, door de kunsthistoricus Seymour Slive, was een regelrechte sensatie.”
Het schilderij, geschilderd op paneel, valt op door zijn ongemeen heldere kleuren en schitterende licht. Het kasteel ligt er op een heuvel, beschenen door het zonlicht dat hier en daar voorzichtig door het wolkendek breekt na een flinke regenbui. „Als je dit schilderij ziet, voel je onmiddellijk: deze man is verliefd geworden op dit kasteel. Het bood hem, op een belangrijk moment in zijn carrière, precies de dramatiek en monumentaliteit die hij zocht. Zijn landschappen, steeds weer met dat lage standpunt en de blik naar boven, zijn theatraal. De heuvel is steeds weer anders, steeds een stukje imponerender. Hij schilderde wat hij wilde, niet wat hij zag.”


Ruisdael maakte de reis van zijn leven vermoedelijk in 1650, samen met zijn oudere vriend en collega Nicolaes Berchem. Hij was 22 jaar toen. Telg uit een Haarlemse schilderfamilie, van meet af aan toegewijd aan het genre waarvan zijn geboortestad min of meer de bakermat was: het landschap. Wellicht aangetrokken door de in talrijke geschriften bezongen duin-landschappen, vestigden zich na 1600 gerenommeerde landschapsschilders als Jan van Goyen, Pieter de Molijn, Cornelis Vroom en Ruisdael’s oom Salomon zich in de stad van de Sint Bavo.
Zijn eerste schilderijen liggen qua stijl en atmosfeer dicht bij het werk van deze oudere generatie. Het zijn stemmige duinlandschappen, veelal met de stad Haarlem in de verte. De luchten zijn hoog, de kleuren relatief ingehouden, met veel bruine tonen. De dramatiek en de kleurcontrasten, die zo karakteristiek zijn voor zijn latere werk, ontbreken hier nog volstrekt.
De tocht naar Bentheim was waarschijnlijk de eerste reis die Ruisdael maakte. De omstandigheden ervoor waren gunstig, na de Vrede van Munster in 1648. Er kon weer in betrekkelijke rust door het grensgebied worden gereisd. Gezamenlijk trokken de kunstenaars de grenzen van de Repuliek over. Niet naar Italië, zoals veel zijn collega’s deden, maar naar het Oosten: Bentheim, Burgsteinfurt, Ootmarsum. Primitieve, grotendeels nog onontgonnen gebieden waar - zoals een latere reiziger noteerde - de mesthopen zelfs nog in de dorpen en schaarse steden lagen.


Z’n eerste schilderij met het kasteel dateert uit 1651. Het kasteel duikt er op in de verte, oprijzend boven bossen, rechts naast een grote heuvel met bomen en rotsen. Op het rode manteltje na van de ruiter op de voorgrond is het kleurgebruik nog altijd relatief sober. Curieus genoeg is de compositie, in gespiegelde vorm, bijna identiek aan die op het schilderij van zijn reisgenoot Berchem van vier jaar later: een bewijs van de nauwe samenwerking die er tussen de twee kunstenaars moet hebben bestaan. Tegelijk maakt hetzelfde schilderij de verschillen duidelijk. Berchem gebruikt het kasteel als achtergrond voor een idyllisch tafereel met herders, Ruisdael als middel om de dramatiek van zijn landschappen te vergroten.
„Er is in hem, zoals bij zoveel van zijn tijdgenoten, een zucht naar imposante, intrigerende motieven. Over de betekenis van met name zijn Bentheim-schilderijen is veel gespeculeerd. Ze zouden de hoogmoed van de mens verbeelden, tegelijk met zijn nietigheid en de vergankelijkheid. Maar bij Ruisdael zelf is er niets dat daar op wijst. Zijn drijfveer is eerder commercieel. Er moet een markt hebben bestaan van mensen die dit soort landschappen waardeerde, wellicht kooplieden uit Amsterdam die betrokken waren bij de bouw van het stadhuis, het huidige Paleis op de Dam. Het werd vanaf 1661 gebouwd, met grote hoeveelheden zandsteen uit Bentheim.”De tentoonstelling in het Mauritshuis heeft, zoals het hele museum, een grote intimiteit. In een huiskamer-achtige, donkere ruimte, opent zich zes keer een venster naar Bentheim, zoals dat in het hoofd van Ruisdael bestond. Zes keer hetzelfde kasteel, zes keer anders, op verschillende momenten gemaakt tussen 1651 en zijn dood in 1682. Ook tijdgenoten als Antony Waterloo en latere kunstenaars zouden het slot schilderen - zoals in de tweede expositie-zaal te zien is - maar nooit meer met de dramatische overtuigingskracht van Ruisdael.
Quentin Buvelot, de schrijver ook van het begeleidende boek over Ruisdael en Bentheim, is zich als geen ander van die dramatische kracht bewust geraakt. „Ik kan niet meer naar dat kasteel kijken, zonder aan hem te denken. Hier is gebeurd wat Goethe naar aanleiding van Ruisdael ooit schreef: het penseel heeft gezegevierd over de werkelijkheid.”

Bentheim

 

 

 

 

 

Klik links voor een slideshow
van Carlo ter Ellen.

 
Ruisdael was here van  Herman Haverkate
Gepubliceerd: 25-02-2009 , Laatst bijgewerkt: 17-04-2009